Showing posts with label Mozambiek. Show all posts
Showing posts with label Mozambiek. Show all posts

Monday, September 1, 2008

Kerend tij in Mozambique

Mozambique, aan de zuidelijke oostkust van Afrika, was lange tijd in de top drie van armste landen in de wereld te vinden. Maar het tij lijkt te keren. En dat is niet dankzij een investering van prinses Máxima en prins Willem Alexander.

Eeuwenlang was Mozambique een Portugese kolonie. Onder invloed van de Portugezen ontwikkelde de huidige hoofdstad Maputo zich tot een van de mooiste steden van Afrika, met een heel eigen mediterraans- Afrikaanse sfeer. En hoewel de tand des tijds en die van de oorlog zichtbaar aan de stad hebben geknaagd, draagt ze nog steeds iets van haar vroegere glorie.

Tandpasta

Schijnbaar onaangetast door die roerige geschiedenis vervolgen de Mozambikanen in de straten hun weg. Van A naar B. Kopend en verkopend. Achter tafeltjes met torentjes van koopwaar, op de grond wakend over twintig paar uitgestalde schoenen, of gewoon bij een doos met vijftig tubes tandpasta.

De stad ruist, bruist, leeft. Alsof ze wil illustreren dat het het land goed gaat. En volgens de statistieken en rapporten is dat ook zo. Vergeleken met acht jaar geleden leven Mozambikanen langer, sterven er minder kinderen onder de vijf jaar, zijn er minder kinderen ondervoed, overlijden minder moeders tijdens de bevalling, kunnen meer mensen lezen en schrijven en hebben meer mensen toegang tot communicatiemiddelen als telefoon en internet.

Paolo, een Mozambikaan die voor zijn werk veel door het land reist, bevestigt dat beeld. Hij vertelt dat de huidige president, Armando Guebuza, goed werk doet. Hij heeft onder meer de corruptie aan de kaak gesteld en een aantal ambtenaren, en zelfs een paar van zijn ministers, ontslagen vanwege hun mogelijke betrokkenheid bij corruptieschandalen.

Wat Guebuza ook heeft gedaan, is meer decentraliseren van macht en budgetten geven aan de districten. Mogelijk dat mede hierdoor op het eiland Idugu, voor de kust van het stadje Pebane, de laatste twee jaar ontwikkeling plaatsvindt. Toen Edith, werkend voor Jeugd met een Opdracht, dit eiland in 2005 bezocht was er niets, vertelt ze. ,,Er wonen vijftienduizend mensen, maar er was geen school, geen kliniek, geen schoon drinkwater, geen handel. Niets. De lokale overheid wist niet eens van het bestaan van deze mensen.’’ Maar nu is er een schoolgebouw, zijn er onderwijzers, is er een put voor schoon drinkwater en sinds een paar maanden ook een gezondheidspost met een verpleegkundige. Voor geen groot deel dankzij actie van de overheid.

Corruptie

Het zijn dus niet alleen cijfers. Aan de grond lijken dingen zich werkelijk ten goede te keren voor dit Afrikaanse land. Tragisch is wel dat met de groei in welvaart ook de corruptie toeneemt. In het jaarlijkse overzicht van Transparancy International steeg Mozambique op de corruptieladder van plaats 81 (2000) naar plaats 111 (2007).

Zijn de Nederlanders scherp in hun kritiek op ‘onverantwoorde uitgaven’ van prins Willem Alexander en prinses Máxima in de bouw van hun vakantiehuis, in Mozambique werkt het anders. In het bouwproject op Machangulo Peninsula, waar de Oranjes hun zomerverblijf hebben gepland, zouden ook verschillende hooggeplaatste ambtenaren en lokale ‘chiefs’ een huis toegewezen hebben gekregen. Omkoping? Of een kwestie van ‘zo doen we dat hier altijd’?

(ND 010908)

Wednesday, October 31, 2007

“Geld niet oplossing van leiderschapscrisis in Afrika”


De Ghanese econoom George Ayittey betwijfelt of de Mo Ibrahim prijs die Mozambiek’s ex-president Jaoquim Chissano vorige week ontving voor ‘bewezen excellent leiderschap', echt zoden aan de dijk zal zetten. Wordt Afrika over tien jaar beter geregeerd? De prijs biedt geen oplossing, maar richt slechts een schijnwerper op een van Afrika’s voornaamste problemen, namelijk leiders die weigeren macht uit handen te geven, zegt hij.

De econoom annex professor aan de American University in Washington, is een bekend schrijver en criticus van zijn eigen continent. In een boek als ‘Africa Betrayed’ (1991) beschrijft hij hoe Afrika’s leiders zelf hun continent en mensen hebben gefaald: “Africa needs an unwavering scrutiny of its elites and leaders. Concealing or making excuses for their shortcomings aggravates the plight of the victims of tyranny.” (p. xix)

Over waarom Chissano ‘de beste van de slechtste’ was.

Hoewel Chissano de prijs juist kreeg omdat hij ondermeer het presidentschap na twee termijnen vrijwillig neerlegde, zou Ayittey hem niet beloond hebben met een prijs van 3,5 miljoen euro:

“Chissano vervolgde het falende politieke Marxistische beleid van zijn voorganger Samora Machel - staatseigendom en controle, heropvoedingskampen enzovoort – dat letterlijk Mozambiek’s economie vernietigde. Natuurlijk was er een burgeroorlog gaande en onder de vlag van de Koude Oorlog, kun je de ene partij niet zonder de andere veroordelen. Maar als leider deed Chissano niet erg zijn best om een ‘Afrikaanse oplossing’ te vinden voor het conflict. Hij was eigenwijs en geloofde dat hij een militaire overwinning kon bereiken. Chissano begon pas wat flexibiliteit te tonen nadat zijn voornaamste patroon, de voormalige Sovjet Unie, in elkaar stortte. Als democratie goed is voor Mozambiek, waarom introduceerde hij het niet in de jaren ’80? In mijn opinie was Chissano deels verantwoordelijk voor de vernietiging van Mozambiek’s economie. En je kunt geen beloning geven aan een leider die verantwoordelijkheid draagt voor zoveel destructie en doden. Natuurlijk zegt Chissano, zoals zoveel ex-leiders in Afrika, dat hij veranderd is. En dat dankzij ‘transcedente meditatie’. Maar goed, gezien de korte lijst van nominaties voor deze prijs, was hij zeker de winnaar."

Over waarom Afrika’s leiders de macht niet uit handen zullen geven.

De Ghanese econoom en schrijver denkt dat een geldprijs Afrika’s leiders niet direct zal inspireren tot goed leiderschap. In tegendeel: Velen van hen zullen een prijs van vijf miljoen dollar als een belediging ervaren van hun reeds vergaarde fortuin. En dan is er nog de waslijst van misdaden, en hun angst dat die aan het licht zullen komen als ze de macht eenmaal uit handen geven:

“Robert Mugabe in Zimbabwe bijvoorbeeld, heeft meer dan 100 miljoen dollar weggestopt bij banken in Maleisië. Een aanbod van een paar miljoen om af te treden, brengt hem echt niet in beweging. Zelfs niet met een bulldozer.

“Volgens een rapport van de Afrikaanse Unie (AU) uit 2004 verliest Afrika jaarlijks een bedrag van 148 miljard door corrupte praktijken. Dit is ongeveer 25 procent van het Bruto Nationaal Product van het continent. En Nigeria’s voormalig president Olusegun Obasanjo wist eerder te melden dat corrupte Afrikaanse leiders minstens 140 miljard dollars van hun mensen hebben gestolen in de periode na de onafhankelijkheid.

"Dus of zo'n prijs Afrika’s leiders zal verleiden om af te treden, daar kun je alleen maar naar raden. Sommige van deze leiders zullen nooit uit zichzelf plaatsmaken, hoe groot de prijs ook is, want ze weten dat ze misdaden hebben began. Hun handen druipen van het bloed en hun zakken zijn gevuld met wat ze hebben buitgemaakt. Ze zijn bang dat, als ze eenmaal aftreden, al hun gruwelijke misdaden aan het licht zullen komen en ze ervoor terecht zullen moeten staan. Dus om zichzelf te beschermen, klampen ze zich vast aan de macht. Kijk bijvoorbeeld naar Frederick Chiluba, ex-president van Zambia. Ik weet zeker dat hij spijt als haren op zijn hoofd heeft dat hij de macht heeft losgelaten."

Over wat Afrika meer nodig heeft dan geld.

Ayittey kent Mo Ibrahim’s beweegredenen niet (“Misschien geeft het hem persoonlijk vervulling te weten dat hij de grootste prijs in de wereld heeft gecreëerd”), maar de prijs ter grootte van drie keer de Nobelprijs levert geen oplossing voor het werkelijke probleem. Slecht leiderschap is volgens hem namelijk het product van gebrekkige systemen en instituten:

“Als je een politiek systeem creëert waarbinnen alle macht in de handen van een persoon is dan maakt het niet uit waar je bent, het systeem zal tirannie in de hand werken. En je kunt de dictator met vijf miljoen dollar proberen te verleiden af te treden, maar het is geen garantie dat de volgende leider geen tiran zal zijn. Dat hebben ervaringen in Afrika meer dan eens bewezen. Zoals de Afrikanen zeggen: “We worstelen om de ene kakkerlak uit de macht te zetten, en de rat komt en doet precies hetzelfde".

“Wat Afrika zou redden en het continent verzekert van beter leiderschap, is niet de bereidheid van Afrika’s leiders om vrijwillig af te treden. Het is het hebben van instituten als een onafhankelijke centrale bank, een onafhankelijke rechtspraak, een vrije en onafhankelijke media, een onafhankelijke verkiezingscommissie, een efficiënte en professionele service aan burgers en een veiligheidsdienst en leger die neutraal en professioneel zijn.

“Recente gebeurtenissen in de Oekraïne (November 2004), Ghana (December 2004), Zimbabwe (Maart 2005), Libanon (April) en Togo (April) laten zonder uitzondering het enorme cultuuroverschrijdende belang van deze instituten zien. Terwijl frauduleuze verkiezingen in de Oekraïne en Togo werden beantwoord met straatprotesten en gewelddadige confrontaties, waren de verkiezingen in Ghana open en eerlijk, en de meest vreedzame in haar geschiedenis. En je mag je afvragen waarin het verschil zit.

“President Bush kan dus niet democratie proberen te verspreiden zonder te helpen met het leggen van de fundamentele instituten waarop democratie is gebouwd. Dat kun je namelijk niet alleen overlaten aan de leiders of de regerende elite omdat het botst met hun eigen belangen. Het is daarom ook zinloos om buitenlandse hulp die is bedoeld voor democratische ontwikkelingen te geven aan de regerende elite.

En zo is het ook onvoldoende voor meneer Mo Ibrahim om een prijs van 5 miljoen dollar uit te reiken en niet te helpen werken aan een systeem dat automatisch voor vervanging van een leider zal zorgen als zijn termijn erop zit.”

[Op de foto: George Ayittey (m) met Jaoquim Chissano (r)]

Tuesday, October 23, 2007

Miljoenen voor 'excellent leiderschap' in Afrika


Jaoquim Chissano, ex-president van Mozambiek, is miljonair. Dat was hij waarschijnlijk al, maar op zijn 68e verjaardag kreeg hij nog eens 5 miljoen dollar cadeau, met de toezegging van een jaarlijkse toelage van 200.000 dollar en nog eens 200.000 dollar die hij aan goede doelen mag gaan geven. Wow! Ik kan me bij dergelijke bedragen niets voorstellen, maar erbij vergeleken is de Nobelprijs (1,5 miljoen) een uitverkoop-prijsje. En dat allemaal voor ‘bewezen excellent leiderschap’. Kan het dan toch in Afrika?

Mo Ibrahim, de initiatiefnemer, denkt van wel. De Sudanese zakenman die zeer succesvol werd dankzij de mobiele telefonie, meent dat een financiële beloning dergelijke leiders uit de as van trots, egocentrisme en machtswellust zal laten verrijzen. Of nog beter: Dat met een dergelijke prijs in het vooruitzicht jonge opkomende leiders ervoor zullen kiezen het rechte pad te bewandelen en zichzelf niet nu al te gaan verrijken.

Een utopie, volgens mij. Goed leiderschap heeft met karakter te maken, en niet met het aantal cijfers op je bankafschrift. Hoewel ik het wel met Ibrahim eens ben dat de enige weg vooruit voor Afrika 'good governance' is. Als er op het niveau van de leiders niets verandert, zal het continent nooit loskomen van het infuus van buitenlandse hulp.

Enfin, om de beste ex-leider te kunnen kiezen bestudeerde een comité onder leiding van het ex-hoofd van de Verenigde Naties, Kofi Annan, een jaarlang de casussen van zo’n 13 Afrikaanse prominenten. Criteria was dat ze in de afgelopen drie jaar het presidentschap hadden neergelegd. Een lastig karwei moet dat zijn geweest. Want niet alleen is de definitie voor ‘neerleggen’ een moeilijke in Afrika waar leiders de neiging hebben te blijven zitten totdat ze gewoonweg gewipt worden, ook is het nog maar de vraag hoe hij (of zij) ooit de troon heeft beklommen. Want er bestaat namelijk zoiets als een arsenaal aan ondemocratische middelen om daar te komen.

Maar uiteindelijk was het Chissano die de eer te beurt viel. Hij wordt alom gezien en gerespecteerd als de man onder wiens leiding er een einde kwam aan de burgeroorlog in Mozambiek. En dat niet alleen, ook buiten de landsgrenzen heeft hij zijn kwaliteiten laten zien, onder meer als voorzitter van de Afrikaanse Unie (AU) en als VN-missionaris die moet helpen een einde te maken aan de tirannie van de LRA, een rebellengroep, in Noord-Oeganda.

In Dondo, centraal Mozambiek, werd het bericht positief ontvangen. De Mozambikanen dragen Chissano op handen, aldus Gil (32). Wel hoopt hij dat zijn ex-president het geld zal gebruiken om te investeren in de verdere ontwikkeling van het land. “Want”, zo zegt hij “mensen zijn gefrustreerd omdat ze na al die jaren van vrede nog steeds geen verbetering in hun situatie zien. Ze willen scholen, ziekenhuizen...”

Dezelfde Mo Ibrahim liet eerder dit jaar een onderzoek doen naar hoe goed Afrikaanse landen geregeerd worden. Met een 23e plaats eindigde Mozambiek halverwege de ladder. Er is dus werk aan de winkel en het is te hopen dat Chissano zijn pensioen nog even uitstelt.

En terwijl hij de miljoenen uitdeelt, kan hij misschien ook wat kwaliteitstijd met zijn oudste zoon doorbrengen. De afgelopen jaren is zijn naam namelijk herhaaldelijk te horen geweest in verband met corruptie en moord-schandalen. Het zou fantastisch zijn als de principes van goed leiderschap van vader op zoon worden over gedragen, zodat er geen waanzinnige bedragen meer nodig zijn om goed leiderschap te belonen.